Sander van Veldhuizen


Sander van Veldhuizen – Charme

Het is lekker vroeg zomer. Maar we wonen in Nederland, dus je weet dat het na een paar dagen gruwelijk mooi weer kan gaan druppelen. Code Oranje noemt de weerman dat, en iedereen is gelijk in rep en roer. Een schooldirecteur vertelt dapper op Radio Gelderland, dat hij zijn kinderen en personeel na de pauze naar huis heeft gestuurd. Goed zo. Bij Code Oranje allemaal de kelder in. Stel dat je nat wordt.

Sander van Veldhuizen

Afgelopen winter was het niet anders. Het heeft een floddertje gesneeuwd, en inderdaad: Code Oranje! Rap naar huis! Het is misschien wel een soort van eigentijdse veiligheid. Kijk, zo oud ben ik nou ook weer niet, maar ‘vroeger’ gingen we gewoon weg, en kwamen we ook gewoon weer thuis, blijkbaar, anders had u nu andermans column gelezen.
Die ander had het misschien gehad over hoe dat vroeger ging. Hoe dat vroeger ging? Vroeger ging je gewoon. Waarheen? Overal heen. Zonder buienradar, zonder telefoon, zonder info. Soms wel met een bestemming of een vaag doel, maar je ging. Op vakantie was ‘ergens in het zuiden’ of als je echt specifiek was ‘ergens in Zuid Frankrijk’. Natuurlijk gevolgd door de ultieme vrijkaart ‘misschien’.
Kaarten kopen voor een concert was een belevenis. Bij tenten als Paradiso, Tivoli of zelfs ’t Oude Pothhuys was het bellen geblazen, of uren vooraf in de rij staan. Maar voor de echt grote acts zoals Pink Floyd gingen we een nacht voor de deur van het postkantoor in een slaapzak liggen. Die nachten met allemaal zinderende lotgenoten hoorden bij het hele evenement, de reis naar het doel zogezegd. En nu nog praten we na over hoe het was. Zonder foto’s. Zonder Youtube’s. Natuurlijk werd er wel eens een live cd op de markt gebracht, maar dat was het toch net niet. Je was er geweest, en dat gevoel is niet te vatten in een Instagram.
Vorige week vrijdag ging om 09:59 de wekker. Ik liep naar mijn laptop om voor aankomend seizoen alles te regelen waar ik vroeger de slaapzak voor zou pakken. Tja. Het mist toch de charme.