Sander van Veldhuizen

Sander van Veldhuizen –   Meester Beumer

Veel verontwaardigde reacties op mijn laatste column, waarin ik beweer dat er ondanks de vele digitaliseringsgolven niet zoveel veranderd is op school. Ik kijk niet goed en ik ben een fossiel, zo kun je de reacties wel samenvatten. Heerlijk hoe alleen al het woord ICT in onderwijsland en bij ouders de emoties kan laten exploderen.

Sander van Veldhuizen

Natuurlijk zie ik hier en daar docenten en leerkrachten schitterende dingen doen met ICT, waardoor de les dan ook duidelijk leuker of zelfs inspirerende wordt. Dat leuker moet blijkbaar trouwens ook, volgens een grote enquête onder leerlingen, zo las ik in de krant enkele weken geleden. Dat is niet nieuw, leerlingen klagen al sinds mensenheugenis over saaie lessen. Maar behoudens die uitzonderingen zie ik het digitale spul vooral worden gebruikt als veredelde beamer, magisch kleurkrijtje of aantekeningenschrift met toetsenbord. En als promo-materiaal voor de ouders van nu en straks natuurlijk.

In 1993 zette ik al tijdens mijn stage havo-4-leerlingen, die na drie keer uitleggen nog steeds het multiplier-effect niet begrepen met een video in de bibliotheek. Nu doen we dat op de I-pad met een YouTubeje. Ik was mijn tijd ver vooruit blijkbaar.

Een échte docent inspireert, leert je het vak, differentieert, houdt van leerlingen en brengt discipline bij. Dat doe je niet met ICT, maar met kennis, kunde en contact. ICT kan wel helpen, als middel, niet als doel op zich. Eén van mijn grote voorbeelden is meester Beumer die mij in klas 3 en klas 6 van de basisschool liefdevol, maar met stevige hand onderrichtte. Hij gaf les aan minstens zes verschillende niveaus tegelijk, zijn bordtekeningen waren ‘smartboard-avant-la-lettre’, zijn uitleg maakte zelfs breuken leuk en niemand kon zo mooi vertellen over onze vaderlandse geschiedenis of spannend voorlezen uit Oom Willibrord en Oorlogswinter als hij. En dat zonder computer. Kom daar nog maar eens om. De échte meesters en juffen Beumer van nu, in alle onderwijsinstanties…, laten we ze koesteren.